Kinderen schreven gedichten bij een knutselwerk.
Gedichten op kunstzinnige wijze door een 5de klas uit de Eeklostraat te Ertvelde


In Langerbrugge maakten de kinderen van de tweede graad knutselwerkjes bij gedichten.

Ik ben zo groot


Ik ben zo groot.
Ik schaam me dood
als iemand jou nou zag
bij mij in bed.
Dan is het net
alsof ik elke dag
met jou nog speel
en jou nog streel
over je stomme kop
zo onbehaard
en dan je staart :
die is al jaren op !



Nee, jij moet echt
gewoon maar weg.
Jij bent te oud voor mij.
Of ben ik nou
te oud voor jou
en is mijn berentijd voorbij ?
Nou, goed dan beer
voor deze keer
hoef jij nog niet te gaan.
Vooruit dan maar


Alleen thuis


Mijn ouders zijn weg, ik weet niet waarheen.
Zij lieten mij in dit huis alleen.
De bomen lopen te rennen buiten.
Er trommelen handen op de ruiten.



Straks ga ik nog dood van angst misschien.
En niemand die me hier kan zien.
De maan draait als een gek in 't rond.
Ik wil wel gillen, maar hou mijn mond.
Geheimen zijn om me heen gezet.
Ik lig te bibberen in mijn bed.


Mug


Ik kan niet slapen,
kannie slapen,
in de kamer is een mug,
hij is net weer even weg,



maar telkens komt ie weer terug :
dan vliegt ie met z'n mugmotoren
keihard, heel dicht langs mijn oren
en soms dan is het plotseling stil …



Dan zit ie ergens,
'k weet het zéker
op m'n neus, of m'n kin, op m'n wang,
of m'n bil !
Vervelend beest
ga nou slapen …

Theo Olthuis


Varen


Languit in je bootje liggen
met je armen door het water
van een slootje
en de zon is lekker warm.



Langzaam gaan je ogen dicht,
weet je niet meer
dat je in een bootje ligt.
Droom je daar zo dicht bij huis
van een eindeloze zee
vol geheime avonturen.
En dan drijf je in je bootje
uren met je dromen mee.

Nannie Kuiper